O MEU LORO NAO FALA

Laatste aanpassing op 11/05/2010

Artiest: Manuel Luis da Silva
Auteur: traditional
Label: L.o.C.
Jaar: 1938

Uit de Discoteca Collection van het Library of Congress. Opgenomen in Pator, Paraiba (Brazilië).

Covers:

1987:

Daniel Loddo & Claude Sicre [in Lo Babou Me Pica]

1992:

Fabulous Trobadors [in Ai! Que Lo Babau Me Pica! feat. Claude Sicre]

Claude Sicre heeft wat met de Braziliaanse Nordeste. Als vorser aan de universiteit van Toulouse verdiept hij zich al jaren in de studie van de Langue d'Oc. Onderdrukt door Parijse centralistische reflexen was het Occitaans zo goed als uitgestorven, behalve op zeer volkse 'marchés de Provence' én in een bepaald liedjesrepertoire dat terug zou gaan tot de tijd van de Hoofse Liefde, de dertiende eeuw met zijn rondtrekkende Troubadours. Omdat Sicre zijn werk altijd is blijven combineren met sporadische optredens als Occitaanse volkszanger, werd hij op dergelijke markten als een curiosum ontvangen, met toch hier en daar een geamuseerde ouderling die hier en daar nog wat woordjes verstond. Echter, ook jongeren waren geïntrigeerd en wel hierom: Sicre begeleidde zichzelf enkel op Noord-Afrikaanse tamboerijn en aan het debiet waaraan hij zijn teksten debiteerde had die combinatie bij momenten iets van Rap of HipHop. Daarop geattendeerd door één van die jonge omstaanders moest Sicre toegeven nooit van Rap of HipHop gehoord te hebben, dat hij zijn idioom a.h.w. zelf verzonnen had, logisch deducerend hoe een Troubadour destijds moet geklonken hebben. Percussie in de Middeleeuwen wijst op een soort Europese 'Devil's Music' .Alle percussie was des duivels en dus in de ban van de Kerk, net als de meeste van die oorspronkelijke Troubadours trouwens. Percussie kwam in zuid Frankrijk bovendien uit de Maghreb overgewaaid en Karel Martel indachtig was dat ook toen niet naar de zin van wie eerder het Eigen Volk vooropstelde. Hoe Afrikaanse percussie de oceaan naar Amerika is overgeraakt is een ander verhaal, maar toch is er ook een link tussen de woordspelletjes van die middeleeuwse Troubadours en rappers uit de Bronx. Volgens Sicre geraakte het Occitaanse troubadours-idioom zoals hij dat reconstrueerde op één of andere manier via Portugal in de Nieuwe Wereld. Al die schepen die via Spanje en Portugal Columbus, Cabral en Magalhaes achterna reisden moesten op de duur toch érgens hun matrozen blijven vinden, desnods uit gevangenissen. Maar toen die leeg geraakten kwamen voor dat aanmonsteren op de duur enkel nog een soort gastarbeiders in aanmerking, Moren maar ook vervolgde Christenen waaronder ongetwijfeld percussionisten en zangers met een grote bek. Het is hoe dan ook een feit dat eenzelfde variant als die van Sicre (zowel die als volkszanger-percussionist als die als bezieler van zijn latere, iets jonger klinkende groep Fabulous Trobadors), haast letterlijk is terug te vinden in de volksmuziek van grote stukken noordoostelijk Brazilië. Sinds Sicre op die overeenkomst is gewezen, heeft hij er al een paar Braziliaanse verbroederingen opzitten, al dan niet in carnavaleske sfeer. Omgekeerd organiseert hij als buurtanimator jaarlijks mee het Tolosaanse carnaval, inclusief inmiddels bevriende Brazilianen.

Contact


Nieuwe suggesties, aanvullingen en/of correcties kunnen steeds per post of via e-mail naar onderstaand adres verzonden worden:

Arnold Rypens
Rozenlaan 65
B-2840 Reet (Rumst)

info@originals.be

No Facebook No Twitter